Voor kerst werkt bij heren een colbert met een chino beter dan een compleet pak. Het staat verzorgd, je kunt het colbert aan tafel uittrekken en je ziet er niet uit alsof je van een vergadering komt. De rest zit in de kleur, de stof en de schoenen.
Een pak dwingt je in één geheel, een colbert laat je combineren. Draag je een donkerblauw of donkergroen colbert op een chino in beige of grijs, dan heb je hetzelfde niveau zonder de formele uitstraling van bijpassende broek en jas.
Let op de mouwlengte, want daar valt een colbert het eerst door de mand. De manchet van je hemd hoort ongeveer één tot twee centimeter onder de mouw van het colbert uit te komen. Zit de mouw over je hand, dan is het colbert te groot, en dat is bij een geleend of oud exemplaar de meest voorkomende fout.
Een stropdas is niet nodig bij een kerstdiner thuis. Een open kraag of een fijngebreide trui onder het colbert is voor de meeste gelegenheden passend, en het scheelt je de hele avond een knoop in je nek.
Fluweel en flanel doen het werk dat glitter bij dames doet. Een colbert van fluweel in donkergroen of bordeaux valt op zonder dat het opzichtig wordt, en flanel geeft meer textuur dan een vlakke wollen stof. Fluweel is meestal 100 procent polyester, dus het houdt minder warmte binnen dan wol.
Blijf weg van fel rood in de bovenkleding. Bij een rode kersttafel en rode kaarsen loopt dat in elkaar over. Donkergroen, bordeaux, donkerblauw en grijs werken alle vier, en die combineer je met een hemd in wit of lichtblauw.
Schoenen maken het verschil tussen verzorgd en half af. Bruine derby’s of loafers passen bij vrijwel elke combinatie van colbert en chino, witte sneakers maken het geheel meteen casual. Dat laatste kan prima op een borrel, maar minder bij het diner van je schoonfamilie.
Alleen als de rest klopt. Een kersttrui met een nette pantalon en veterschoenen leest als humor, dezelfde trui met een joggingbroek leest als opgeven. Hetzelfde geldt voor het moment, want op een borrel met collega’s werkt het en bij een formeel diner niet.
Een fijngebreide trui van rond de 200 gram per vierkante meter met een klein kerstmotief is de tussenweg. Wil je verder gaan, dan hoort de foute kersttrui bij een feest waar iedereen meedoet en niet bij een gelegenheid waar jij de enige bent.
Kies een broek met wat rek en een taille die past zonder dat je de knoop hoeft los te maken. Een chino met 2 procent elastaan of een wollen pantalon met een verstelbare band zit na drie uur aan tafel een stuk prettiger dan een strakke broek.
Denk ook aan de warmte. Binnen is het met de oven aan en veel mensen bij elkaar warmer dan je verwacht, dus een dun hemd onder een colbert werkt beter dan een dikke trui. Als vuistregel, bouw de outfit op in lagen die je kunt afpellen, zodat je halverwege de avond nog iets kunt aanpassen.
Meestal niet. Vraag na welke dresscode geldt, want veel restaurants houden het bij verzorgd casual. Een colbert zonder stropdas is dan de veilige keuze.
Op een borrel wel, bij een diner minder. Kies dan effen leren sneakers in donkere kleur en geen sportmodellen met opvallende zolen.
Effen sokken in de kleur van je broek, niet van je schoenen, want dat geeft een doorlopende lijn. Kerstsokken met motief werken alleen als de rest van de outfit ook een knipoog bevat.